maandag, december 17, 2012

Een kamer uit de boeken

Ik heb er stilaan een aparte kamer voor nodig, voor al die spullen waarmee ik de kamer van de oudste zou opfleuren. Bijna drie jaar heeft ze die, en nog altijd zijn de muren blank (op een enkel decoratiestukje en een grillige potloodlijn na, waarmee ze zelf had geprobeerd om de situatie wat recht te trekken). Ik kocht een lap stof - vol verhaalstof - bij Ikea, een (Nederlandstalige!) abc-poster, verzamelde prenten van Pippi Langkous en Lacombe's Sneeuwwitje, sleepte kleurrijke kaders aan... en borg alles weer op.
Iets fluisterde me in dat dat alles in één zet zijn plaats moet vinden. De totale metamorfose, een 'voor en na' uit de boekjes waardig. Maar waarom? Brengt één keer uitzinnige vreugde meer vreugde dan een opeenstapeling van kleinere momenten van verrukking? In 19 keer Katherine van John Green werkt Colin, het hoofdpersonage, een wiskundige formule uit voor zijn relaties. Dat vergt behoorlijk wat herzieningen, gepruts met vergelijkingen en onbekenden. En allicht laten emoties zich ook niet zomaar optellen. Eerder vergaat het hen als water: ze verdampen, condenseren, slaan weer neer. Net zoals dat met herinneringen gaat. Die durven ook wel eens valsspelen. En dan begint het me plots te dagen: ergens, ver weg, in de humuslagen van mijn leesverleden, schuilt die immense verrukking om de allermooiste kamer. Niet ik had die gekregen, maar Lisa, Lisa uit Bolderburen. 
'Ik schreeuwde het uit, zo blij was ik. Ik vond het 't mooiste verjaardagscadeau dat ik ooit had gekregen. Vader zei dat moeder hem bij het toveren geholpen had. Vader had het behang getoverd. O, wat een mooi behang met een heleboel kleine boeketjes erop! En moeder had de gordijnen voor de ramen getoverd. Vader had 's avonds, ginds in de werkplaats, een kastje, een ronde tafel, een boekenplank en drie stoelen voor mij getoverd en alles wit geschilderd. Moeder had de lapjeskleden getoverd die op de grond lagen en rode, gele, groene en zwarte strepen hadden. Ik heb zelf gezien hoe zij ze 's winters weefde, maar ik kon toch niet weten dat ze voor mij waren. (...) O, wat was dat toch een mooie kamer - mijn kamer!' (De kinderen van Bolderburen, Astrid Lindgren)
Voor die kamer heb ik dus best nog wat tijd. Tot ze jarig is. Of ik haal al die spullen toch keer per keer uit, en lees haar De kinderen van Bolderburen voor. Dat worden dan vele momenten van verrukking en één keer plaatsvervangende uitzinnige vreugde. Dat kan niet anders dan een mooie herinnering opleveren, toch?


1 opmerking:

Sara Van Meerbergen zei

Ik zou gaan voor beetje bij beetje, dat levert bij ons altijd het leukste resultaat op en je kan steeds nieuwe puzzelstukjes of herinneringen toevoegen. Net zoals de kerstboom versieren, dat kan de hele kerstvakantie lang ;-)